apostolaatsgemeenschap


Tekst: Gied ten Berge


In 1965 verblijven 30 Trinitariërs, geleid door pater Van Beurden osa , pater van Dijck osa en vijf Augustijnse fraters (priesterstudenten), waaronder de latere missionaris in Papua, Piet Tuyp, in Bagneux, een voorstad in het zuiden van Parijs, waar Nederlandse Augustijnen een drietal parochies bedienen. Ze zijn daar op 'bouwkamp'. De organisatie ging uit van de AG ("Apostolaatsgemeenschap"), een oude, maar zeer actieve 'missieclub', die in die dagen het schoolleven beheerst. In 1965 ben ik een jaartje voorzitter, als opvolger van Roel van der Voort . Ik word nadien opgevolgd door Paul Rieu. Zijn vader had een schitterende drankhandel, waar we in latere jaren, na de beat-mis in de lyceumkapel nog vaak even aanleggen. Henk de Graaf, de latere Amsterdamse officier van justitie, is mijn minstens zo doortastende penningmeester en materiaalbeheerder. We hebben twee secretarissen: Noud Vromans en Peter Maurick. Adelbert Nelissen is secretaris 'kontakt', een soort PR figuur. Verder draait er in en om het bestuur een opmerkelijke werkgroep Liturgie, waar de latere jongerenkerk in Haarlem uit zal voortkomen. Leo Divendal is hier de secretaris van. Ook Harry Schrama, die als pater Augustijn later de kloosternaam Martijn aanneemt en een van de bekendste Nederlandse Augustinuskenners zal worden, maakt deel uit van dit bestuurtje.